Batterijopslag voor bedrijven

  • RES
  • batterijopslag

Overweegt u een energieopslagsysteem (EOS) bij uw bedrijf te plaatsen, achter uw bestaande aansluiting of op een nieuwe aansluiting? Met batterijopslag slaat u elektriciteit tijdelijk op om die op een later moment te gebruiken (of terug te leveren). Ondernemers kiezen hier bijvoorbeeld voor om zelf opgewekte zonnestroom beter te benutten, een oplossing te bieden voor netcongestie of kosten te besparen op ingekochte energie. Of natuurlijk als combinatie van deze factoren.

In sommige gevallen kan een batterij voor uw bedrijf een goede investering zijn, maar er komt ook veel bij kijken. Op deze pagina leest u waar u op moet letten en welke stappen u zet. Heeft u een vraag over een thuisbatterij? Dat komt kort aan bod bij de veelgestelde vragen.

Actueel

De regels rond batterijopslag veranderen. Het Rijk legt de veiligheidsrichtlijnen PGS 37-1 en 37-2 naar verwachting per 1 januari 2028 wettelijk vast. Op deze pagina leest u wat dat nu al voor u als ondernemer betekent, en waar u op moet letten voordat u een batterij plaatst.

Lees de officiële publicatie van het Rijk ›

Batterijopslag Waar Moet U Op Letten V3

Veilig plaatsen en PGS 37-1

PGS 37-1 werkt met een risicobenadering: de richtlijn beschrijft de belangrijkste risicoscenario's (zoals thermal runaway), de veiligheidsdoelen die u wilt bereiken en de maatregelen die daarbij horen. In een interactief risicodiagram zijn die scenario's, doelen en maatregelen aan elkaar gekoppeld. De richtlijn gaat onder meer in op: 

  • Plaatsing en veiligheidsafstanden tot de omgeving.

  • Bouwkundige en brandwerende voorzieningen (zoals compartimentering).

  • Detectie, beheersing en blussing: hoe snel een storing wordt opgemerkt en hoe escalatie wordt beperkt.

  • Bereikbaarheid voor de hulpdiensten en een uitgewerkt calamiteitenscenario.

  • Beheer en onderhoud tijdens de gebruiksfase. Voor de veilige bedrijfsvoering (inspectie, onderhoud, werken aan het systeem) verwijst PGS 37-1 naar de norm NEN 4288:2020, aanvullend op NEN 3140. Kern hiervan: periodieke inspectie en onderhoud en het actueel houden van documentatie en het veiligheidsbeheer over de hele levensduur.

Hieronder wordt een indicatie gegeven van de veiligheidsafstanden die van toepassing zijn op batterijopslag en de bijbehorende brandwerendheid. Zie sectie M50 in de PGS 37-1 voor de volledige informatie. Het gaat hier om de afstand van het energieopslagsysteem tot de begrenzing van de locatie, een ander bouwwerk dat tot de locatie behoort, of andere brandbare objecten.

< 5 meterVolledige brandwerende voorziening van 60 minuten nodig
5 – 10 meterMinimaal brandwerendheid van 30 minuten
> 10 meterTen aanzien van de brandwerendheid geen eis van toepassing
Op basis van PGS 37-1 (maatregel M50), gericht op het voorkomen van brandoverslag naar de erfgrens, gebouwen en brandbare objecten. Plaatsing dichter dan 5 meter is dus mogelijk, mits u de volledige brandwerende voorziening van 60 minuten realiseert (of een aantoonbaar gelijkwaardige oplossing). Dit is één onderdeel van de beoordeling; daarnaast gelden aandachtsgebieden en kan het plaatsgebonden risico met de RIVM-rekenmethode worden bepaald, afhankelijk van de omvang en het batterijtype.

Wilt u de details weten? Raadpleeg de volledige PGS 37-1 of de uitleg bij het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO).

Verzekerbaarheid en financiering

De verzekeringsmarkt voor batterijen verandert snel, en dit is een van de belangrijkste punten om vooraf te regelen. Verzekeraars kijken niet meer alleen naar de batterijcontainer zelf, maar naar het hele systeem: hoe snel storingen worden ontdekt, welke scenario's zijn uitgewerkt bij oververhitting, hoe brand of escalatie wordt beperkt en hoe professioneel het systeem over de hele levensduur wordt beheerd.

PGS 37-1 wordt daarbij steeds vaker gebruikt als graadmeter voor de volwassenheid van een project. Dat heeft een belangrijk gevolg: verzekerbaarheid wordt onderdeel van financierbaarheid. Een systeem dat moeilijk te verzekeren is, is doorgaans ook moeilijker te financieren. Projecten die veiligheid pas laat meenemen, lopen vaker vast op de verzekering, de vergunning (indien nodig) of de financiering.

De praktische les: regel veiligheid en verzekerbaarheid vóórdat u koopt, niet erna. Vraag uw verzekeraar en financier vroeg naar hun eisen, en neem die mee in het ontwerp. Meer achtergrond leest u in dit interview met verzekeringsexpert Harry Wolkenfelt (Solar & Storage Magazine).

De regels nu

PGS 37-1 geldt als (dwingend) advies. Of u een vergunning nodig heeft, hangt op dit moment af van drie dingen: de omvang en het type systeem, of de batterij hoort bij een activiteit die al vergunningplichtig is, en wat uw gemeente in het omgevingsplan heeft geregeld. Gemeenten mogen batterijopslag namelijk aanwijzen als een activiteit waarvoor een vergunning nodig is, en gaan daar niet allemaal hetzelfde mee om.

In veel gevallen is voor een batterij achter uw bestaande aansluiting geen vergunning nodig, maar bent u wél verantwoordelijk voor veilige plaatsing volgens PGS 37-1. Twijfelt u? Vraag uw gemeente wat in uw situatie geldt.

De regels straks (beoogd 1 januari 2028)

De huidige lappendeken aan lokale regels maakt plaats voor landelijke regels, zodat overal hetzelfde geldt. Op basis van het huidige voorstel gaat gelden: een meldplicht vanaf 20 kWh (u meldt uw systeem vóór ingebruikname) plus verplichte naleving van PGS 37-1, en een vergunningplicht alleen voor zeer grote systemen. De veiligheidsregio wordt wettelijk adviseur, uw systeem wordt geregistreerd in een landelijk register voor externe veiligheid (zodat hulpdiensten en de omgeving weten waar systemen staan), en er komt een overgangsregeling voor bestaande systemen.

Lees de officiële publicatie van het Rijk over de nieuwe regels ›

Batterijopslag Stappenplan

Wat kost een batterij?

De markt voor batterijopslag is vaak nog weinig transparant, waardoor het lastig is vooraf een goede indicatie te krijgen van de kosten. De prijs hangt soms sterk af van uw situatie (bijvoorbeeld kabellengte), de leverancier en van twee dingen die vaak door elkaar lopen:

  • Capaciteit (kWh) – hoeveel bruikbare energie u kunt opslaan in de batterij.

  • Vermogen (kW) – hoe snel u het systeem kunt laden en ontladen.

Een groot systeem (bijvoorbeeld 250 kWh / 100 kW) vraagt om meer investering dan een klein(er) systeem (bijvoorbeeld 40 kWh / 20 kW). Een kleiner systeem kan voor veel bedrijven al een goed startpunt zijn. Kijk dus eerst naar uw doel en benodigde omvang (stap 1) voordat u naar prijzen kijkt.

Voor een betrouwbare richting van de kosten en terugverdientijd verwijzen wij naar de officiële informatie van RVO: Investeren in een batterij voor uw bedrijf. Daar staan ook twee RVO-rapporten over de kosten van kleinschalige en grootschalige batterijprojecten.

Waar kunt u terecht?

Heeft u vragen over batterijopslag bij uw bedrijf? Afhankelijk van uw vraag kunt u onder meer terecht bij:

  • De omgevingsdienst voor inhoudelijke vragen over veiligheid en regelgeving.

  • Uw gemeente als u een concreet plan heeft of wilt weten of een melding of vergunning nodig is. Neem contact op met uw gemeente en vraag waar u het beste terecht kunt. 

  • RVO (Loket Netcongestie) voor algemene informatie en de stappen die u kunt zetten: Investeren in een batterij voor uw bedrijf.

  • Een onafhankelijk energieadviseur die u helpt bepalen of en welke batterij bij uw bedrijf past, los van een verkoper. U vindt een geaccrediteerde adviseur via FedEC, de branchevereniging van energieadviseurs.

Subsidies en fiscale regelingen

Er zijn meestal financiële regelingen (subsidies en belastingvoordelen) die investeren in een batterij aantrekkelijker maken. Omdat deze regelmatig wijzigen, verwijzen we voor de actuele regelingen naar de officiële pagina van RVO. Die wordt regelmatig bijgewerkt: Interessante subsidies en belastingvoordeel voor batterijen (RVO).

Veelgestelde vragen

Mag ik zomaar een batterij bij mijn bedrijf plaatsen?

Vaak wel, maar niet zonder meer. Of u iets moet regelen, hangt af van de omvang van uw systeem en van wat uw gemeente in het omgevingsplan heeft vastgelegd. In veel gevallen is voor een batterij achter uw bestaande aansluiting geen vergunning nodig, maar u bent wél zelf verantwoordelijk voor veilige plaatsing volgens PGS 37-1. Met de nieuwe landelijke regels (beoogd 2028) komt er een meldplicht vanaf 20 kWh. Vraag uw gemeente wat in uw situatie geldt.

Moet ik een aparte aansluiting of vergunning aanvragen?

Voor een batterij achter uw bestaande aansluiting heeft u geen nieuwe aansluiting nodig, deze kunt u plaatsen achter uw huidige aansluiting. De huidige aansluiting bepaalt daarmee wel met welk vermogen u de batterij maximaal kunt laden via het reguliere net.

Wat is PGS 37-1 en geldt die nu al voor mij?

PGS 37-1 is de landelijke veiligheidsrichtlijn voor energieopslagsystemen. Op dit moment is het formeel een dwingend advies (juridisch nog niet vastgelegd), maar in de praktijk is het al de norm bij omgevingsdiensten, financiers en verzekeraars. Naar verwachting wordt de richtlijn per 1 januari 2028 wettelijk verplicht vanaf 20 kWh. Ons advies: gebruik PGS 37-1 nu al als uitgangspunt.

Hoe ver moet mijn batterij van de erfgrens staan?

Er is geen enkel vast getal. De benodigde afstand hangt af van de omvang en het type batterij (bijvoorbeeld NMC of LFP) en wordt bepaald met de afstandstabellen en rekenmethode van PGS 37-1 en het RIVM. Zie het schema onder Veilig plaatsen en PGS 37-1 voor een indicatie.

Krijg ik mijn batterij verzekerd?

Steeds meer verzekeraars nemen een batterij alleen in dekking als die aansluit op PGS 37-1. Ze kijken naar het hele systeem: plaatsing, detectie, beheersing en beheer over de levensduur. Een slecht geplaatst systeem kan lastig of duur verzekerbaar zijn, en dat raakt ook uw financiering. Vraag uw verzekeraar daarom vóór aanschaf naar de eisen en neem die mee in het ontwerp.

Ik heb al een batterij geplaatst, moet ik iets doen?

Zorg dat uw systeem voldoet aan PGS 37-1, óók met het oog op uw verzekering. Met de nieuwe landelijke regels (beoogd 2028) komt er een overgangsregeling voor bestaande systemen van naar verwachting 2 jaar: u krijgt dan dus 2 jaar de tijd om aan de nieuwe eisen te voldoen, bijvoorbeeld door de plaatsing aan te passen of aanvullende maatregelen te nemen. Houd de ontwikkelingen in de gaten of vraag advies.

Mag ik zomaar een thuisbatterij plaatsen?

Thuisbatterijen van particulieren vallen buiten het aankomende wijzigingsbesluit en worden apart geregeld. Voor betrouwbare informatie over thuisbatterijen kunt u terecht bij Milieu Centraal, de Brandweer (veiligheid en brandveilige plaatsing) en Vereniging Eigen Huis.

Welke leverancier is betrouwbaar?

De GMR en de gemeenten bevelen geen leveranciers aan. Let bij uw keuze op of de leverancier werkt volgens PGS 37-1, of die de veiligheids- en verzekeringseisen kan onderbouwen, en of die referenties kan laten zien. Win daarnaast eventueel onafhankelijk advies in, los van de verkoper.

Vragen of een concreet plan?

Waar u terecht kunt, hangt af van uw vraag. Voor onafhankelijk advies over of en welke batterij bij u past, kunt u een onafhankelijk energieadviseur inschakelen (te vinden via FedEC). Voor vragen over veiligheid en regels is er expertise bij de omgevingsdienst. Heeft u een concreet plan, of wilt u weten of een melding of vergunning nodig is? Neem dan contact op met uw gemeente.

Het helpt als u het volgende alvast paraat heeft:

  • het doel en de omvang van uw batterij (in kWh);

  • de beoogde plek op uw terrein;

  • de afstand tot de erfgrens en tot gebouwen.