Actueel

Warmteprogramma in de praktijk: twee gemeenten, dezelfde opgave

  • Actueel
  • Warmteprogramma: zes lessen uit de de praktijk
Datum: 04 mei 2026

Alle gemeenten moeten uiterlijk eind 2027 een warmteprogramma hebben vastgesteld. Maar hoe pak je dat aan? Lingewaard stelde in maart 2026 als een van de eerste gemeenten in Nederland haar warmteprogramma vast. Arnhem kiest bewust voor een bredere, integrale aanpak: het warmteprogramma is daar onderdeel van een groter Omgevingsprogramma Energie.

Projectleider Mark Elbers van Lingewaard en Strategisch bestuursadviseur energietransitie Marion Visser van Arnhem delen de lessen die ze tot nu toe hebben geleerd en laten ook zien dat de context van een gemeente bepalend is voor de keuzes die gemaakt worden.

Afbeeldingen Warmteprogramma (2)

Twee uitgangspunten

"Lingewaard bestaat uit verschillende kleine kernen, elk met een eigen karakter en eigen infrastructuur. De opgave was om per kern een realistische warmteoplossing te vinden", vertelt Mark Elbers van gemeente Lingewaard. "Het is belangrijk om rekening te houden met de schaal, de bevolkingssamenstelling en de bestaande netinfrastructuur. Die diversiteit vraagt om maatwerk, maar ook om helderheid: welke oplossing past waar, en waarom? Wat in Huissen werkt, hoeft in Doornenburg niet te werken."

Arnhem kiest voor een andere insteek. In plaats van een apart warmteprogramma op te stellen, integreert de gemeente het in een breder Omgevingsprogramma Energie. De redenering: warmte staat niet op zichzelf. Het hangt samen met elektriciteit, isolatie, netcongestie en ruimtelijke ordening. "Warmte hangt samen met alles waar een stekker aan zit," zegt Marion Visser. "Door dit als geheel mee te nemen, kun je andere keuzes maken. Arnhem is hiermee een koploper in Nederland."

Les 1: Lokale kennis is een vereiste

"Modellen en ingenieursbureaus leveren een waardevolle basis om op te bouwen, maar ze kennen niet altijd alle lokale nuances," zegt Mark Elbers. "In Lingewaard kwam een belangrijke warmtebron, de Nederrijn, bijvoorbeeld na het onderzoek met de PBL-startanalyse niet naar voren. Terwijl aquathermie juist een kansrijke en betrouwbare warmteoplossing is voor een deel van de gemeente." Ook is er in de gemeente Lingewaard gekeken naar de wijksamenstelling. "In wijken met veel oudere bewoners zijn oplossingen die veel verantwoordelijkheid bij de bewoner leggen waarschijnlijk lastiger te realiseren. Data zijn een vertrekpunt, geen eindpunt", concludeert Mark Elbers.

In Arnhem is er ook aandacht om niet alleen vanuit data te denken. "Juist omdat er in onze stad weinig ruimte is voor nieuwe infrastructuur, wilden wij in Arnhem breder kijken dan warmte alleen. Welke bronnen zijn er beschikbaar? Waar willen we mobiliteitshubs realiseren? Hoe kunnen we de energievraag én de piekvraag verlagen? En hoe houden we de verzwaring van het elektriciteitsnet zo minimaal mogelijk? Die vragen zijn niet los van elkaar te beantwoorden, en dat inzicht is mede de drijfveer geweest achter de keuze voor een integraal omgevingsprogramma energie", zegt Marion Visser.

Overzichtskaart van Lingewaard.

Lingewaard Overzichtskaart Naast Tabel

Les 2: Het warmteprogramma is meer dan een invuloefening

Netcongestie is voor veel gemeenten een groeiend probleem, wat ook raakt aan het warmteprogramma. "Liander gaf aan meer middenspanningsruimtes en onderstations nodig te hebben", vertelt Marion Visser. "Maar wij maakten ons zorgen over de beperkte ruimte dus stelden we een wedervraag: wat zouden we moeten doen om er minder toe te hoeven voegen?"

Door te onderzoeken aan welke knoppen gedraaid kan worden om de vraag te verminderen komen interessante maatregelen naar boven: sturen op slim laden en piekvermogen, zonnepanelen in piekuren niet laten terugleveren, isolatie als netontlasting zien. "Met het niet terug laten leveren van zonnepanelen op piekmomenten lever je bijvoorbeeld maar zeven procent van je opbrengst in, maar voor het net maakt het enorm veel uit," vertelt Marion Visser. "Ik wil gemeenten echt het advies meegeven om het warmteprogramma daarom niet als invuloefening te zien. Er zijn keuzes die je kunt maken om echt te sturen!" Dit vraagt wel om een nauwe samenwerking met de netbeheerder. "We moeten afspraken bestuurlijk en ruimtelijk borgen, zodat zij er ook echt vanuit kunnen gaan dat we hierin stappen gaan zetten en zo hun netuitbreidingen kunnen verkleinen."

Les 3: Zorg voor een heldere rolverdeling

Wie beslist, wie adviseert, wie uitvoert en wie geïnformeerd wordt: als dat niet vroeg vastligt, ontstaan er later misverstanden. Lingewaard werkt bewust met de participatieladder als kader. Mark Elbers: “Het bestuur beslist. Netbeheerders en woningcorporaties bijvoorbeeld zijn voor ons meewerkende partners. Maatschappelijke partijen in de samenleving denken mee. Bewoners hebben we via een brede informatieavond geïnformeerd en betrekken we opnieuw op het moment dat er iets concreets voor hun wijk te zeggen valt. Dat is een bewuste keuze want de centrale vraag voor de bewoner is: wat betekent dit voor mij? Die vraag kun je pas goed beantwoorden als er een helder beeld is van wat er in hun wijk gaat gebeuren.”

Met een betrokken en sterk team, externe procesbegeleiding en agile werken heeft Arnhem haar programma vormgegeven. "In het begin vroeg ik me weleens af: gaat dit lukken binnen de gestelde tijd," bekent Marion. "Maar net als met de maanlanding: als je het einddoel voor ogen houdt en je het in kleine stukken opdeelt, kom je er uiteindelijk wel."

Processtappen voor het opstellen van gebiedsenergieplannen Gemeente Arnhem

Figuur 12

Les 4: Neem de gemeenteraad mee

Raadsleden hebben veel op hun bord en daarin is warmte slechts een van de onderwerpen. Maar juist daarom is vroeg en regelmatig contact essentieel. "Wij hebben de raad een koersdocument laten vaststellen", vertelt Marion. "En we gaven samen met Liander in de raad een presentatie erover. Het meenemen van de raad heeft geleid tot een breed gedragen programma."

Ook gemeente Lingewaard investeert in kennisoverdracht gedurende het hele proces: "We hebben ze meegenomen in de wetgeving, de opties en in de keuzes die we hebben gemaakt en de onderbouwing ervan. Die investering wordt zeer gewaardeerd en voorkomt verrassingen op het moment dat besluiten genomen moeten worden. De warmtetransitie is zó ingewikkeld dat je de raad moet blijven meenemen," zegt Mark Elbers.

3 (2)

Les 5: De MER is een instrument, geen formaliteit

Beide gemeenten stellen zich de vraag hoe ze de milieueffectrapportage zo zinvol mogelijk kunnen inzetten.

Lingewaard heeft voor een MER-beoordeling gekozen, daar kwam uit dat er geen aanzienlijke negatieve milieueffecten zijn van het programma, of dat deze naar verwachting voldoende beperkt kunnen worden. "Daarom hebben we ervoor gekozen om in deze fase geen plan-MER-procedure te doorlopen. Voor specifieke projecten, zoals het warmtenet, volgt die procedure later alsnog”, zegt Mark Elbers.

Gemeente Arnhem nam aanvankelijk in de notitie reikwijdte en detailniveau (NRD) alleen warmte mee. "De commissie MER adviseerde ons om toch de volledige breedte van het omgevingsprogramma energie mee te nemen", zegt Marion Visser. "Dat betekent dat Arnhem als eerste gemeente in Nederland een plan-MER doorloopt voor een integraal energie- en warmteprogramma. Dat brengt extra complexiteit met zich mee, maar levert ons ook veel kennis op. Het betekent wel dat het voor de partijen waar we mee samenwerken ook vaak nieuw is, dan moet je dus samen nadenken over oplossingen en niet wachten tot de weg al geplaveid is."

Les 6: Warmteprogramma is het begin, van uitvoering en samenwerking

“Een vastgesteld warmteprogramma geeft richting, maar het is een eerste stap” zegt Mark Elbers.  “Nu we een plan hebben kunnen we ook gericht de wijk in gaan. Na de zomer gaan we een tour maken langs alle kernen en leggen we uit wat we bewoners te bieden hebben aan informatie, advies en subsidieregelingen. Maar ook om te laten zien waar we als gemeente voor staan, ook in de wijken waar uiteindelijk voor een individuele oplossing gekozen wordt.”

Arnhem gaat bewoners ook actief betrekken bij de uitvoering. Marion Visser: "Nu de eerste versie van het Omgevingsprogramma Energie af is, is het Bureau energietransitie opgericht, dat gebiedsenergieplannen opstelt samen met de stad, en deze tot uitvoering brengt. Daarnaast stopt de uitvoering niet bij de gemeentegrens. We maken samen met buurgemeenten een warmtenetstrategie en ontwikkelen warmtebronnen. Zeker als gemeente met beperkte ruimte is samenwerking geen luxe, maar noodzaak."

Bekijk hier het Voorlopig ontwerp Omgevingsprogramma Energie van gemeente Arnhem.

Bekijk hier het Warmteprogramma van gemeente Lingewaard.